© Made by PA0ABM 2020 (all rights reserved)
Verteld door Gus Browning, in 73 Magazine van 1966-03 vrij vertaald door PA0ABM Gus Browning story, Deel 10 IJsland en Afrika Ik schrijf dit artikel tijdens mijn verblijf in IJsland. Hoe ik hier terecht kwam? Dat is in enkele woorden verteld. Ik vertrok uit Glasgow, Schotland op weg naar de Faeröer eilanden. En normaal voor Schotland, het was mistig, het regende en het was koud. We vertrokken rond half elf s ’morgens en om half twee vlogen we boven de Faeröer eilanden. Het weer had zich verslechterd en we hoorden dat de DC-3 niet kon landen, en daarom door vloog naar IJsland. We zouden de volgende dag terug vliegen naar de Faeröer eilanden maar dat wasa drie dagen geleden. Gisteren heb ik Reykjavik en de omgeving bekeken. Het was maar een kort uitje, maar ik kon toch de hete bronnen bekijken. Op veel plaatsen kwam stoom uit de grond, soms spoot de geiser stoom tot wel 45 meter hoog. En het rook er naar rotte eieren. De IJslanders gebruiken de geisers om de huizen van Reykjavik, 22 km verderop, te verwarmen. Ook wordt de stoom gebruikt in broeikassen voor de productie van tropische vruchten en groenten en andere gewassen. Ik zag zelfs een broeikas waar bananen groeiden. Vorige week was ik bij 4U1ITU tijdens hun wekelijks onderonsje. Stu, W2GHK was er ook en we bespraken uitgebreid mijn toekomstplannen. En ik heb een paar goeie plannetjes die hopelijk werkelijkheid worden. K2HLB was de gastheer tijdens de cocktailparty bij 4U1ITU. Ze hadden een paar goeie sprekers uitgenodigd. Bill Orr, W6SAI had een goed verhaal over satelliet communicatie. (Een hint van mij: Begin die gebied van communicatie maar alvast te verkennen. En misschien komt er een DXCC-satelliet in de nabije toekomst). Ik vertelde mijn verhaal over DXpedities. Ik hoop volgend jaar samen met Peggy deze bijeenkomst te bezoeken. In Reykjavik lijken alle huizen spiksplinternieuw te zijn. Het is wel duur in Reykjavik, ik betaalde juist 52 cent voor een kopje koffie, heel wat meer dan in het Waldorf-Astoria hotel in new York. Breng maar een hoop geld mee als je IJsland wilt bezoeken. Terug naar mijn verhaal. Ik had dus met de Afrika-Bus er twee dagen en een nacht over gedaan om van Nairobi in Dar-es-Salaam te komen. Ik was de enige blanke passagier, de ritprijs was overigens erg goedkoop, ongeveer zes dollar. Ik ben er nog steeds niet wat ik het ergste vond, de twee chauffeurs, de bus of de passagiers. De chauffeurs waren Kikuyu, de passagiers waren Masai en een aantal hadden lange speren bij zich. Die moesten ze afgeven aan de chauffeurs. De speren lagen voor in de bus terwijl de Masai krijgers achter in de bus zaten. “Je kunt nooit weten wat er gebeurt als ze de speren bij zich houden” verklaarde een van de chauffeurs. Toen ik het buskaartje kocht werd me gevraagd of ik eerste klas of tweede klas wou zitten. Ik koos voor eerste klas, ook al was de prijs twee maal zo hoog. De loketbediende vertelde me echter dat ik een tweede klas kaartje moest kopen. En in de bus moest ik dan een paar shilling aan de chauffeur geven dan kon ik toch eerste klas reizen. In de bus ging ik tweede klas zitten, bij de Masai. De chauffeur wenkte me en vertelde me dat ik voorin de bus, eerste klas, moest zitten. Het prijsverschil tussen het eerste en tweede klas kaartje zou later geregeld worden. Ik heb de hele reis van Nairobi naar Dar-es-Salaam de eerste twee rijen van de bus helemaal voor mij alleen gehad. De chauffeur vertelde me dat, als ik ergens foto’s wou maken hij daar wel zou stoppen. Als je een kleine of grote boodschap moest doen, dan was een schreeuw geven voldoende. Langs de route werd overal gestopt om passagiers te laten in- en uitstappen. De meeste vrouwen in de bus hadden een ontbloot bovenlijf. Als snel raakte ik gewend aan die half naakte vrouwen. Toen ik de chauffeur vroeg om even te stoppen en aanstalten maakte het struikgewas in te lopen schreeuwde hij me toe: "No, no, Bwana, lion in bush," Vanaf dat moment deed ik wat de Masai ook deden. Gedurende de hele busreis zag ik wilde dieren. De bus moest stoppen toen vier gemeen kijkende olifanten de weg versperden. Pas toen de olifanten QSY maakten kon de bus verder rijden. Later sprong een grote baviaan op de motorkap van de bus. De baviaan liet zich niet zomaar wegjagen ondanks het getoeter van de chauffeur. Twee uur later toen een andere bus ons tegemoet kwam en er gestopt werd sprong de ap van de motorkap af om daarna op de motorkap van de andere bus te springen. Hij wou zeker terug naar de plek waar hij was opgestapt. Apen? Praat me niet over apen. Op een morgen reed de bus door de jungle op een plek waar de begroeiing erg dicht was. Ik hoorde een onmenselijke hoeveelheid gegil en gegrom van een groep van meer dan duizend apen. Ze staken de weg over schreeuwend en tierend., Moeders met baby’s op de rug, grote apen, kleine apen, gekleurde apen, noem maar op. De bus stopte en moest minstens vijf minuten wachten voordat de horde de weg was over gestoken. We zagen ook leeuwen, meestal nachts, een paar luipaarden, veel hyena’s, drommen zebra’s en veel soorten antilopen en reeën. De busreis was fantastisch, ik zou die reis nog eens willen maken als het hier iets is afgekoeld. Ik werd met respect behandeld met uitzondering van een keer. De bus was gestopt bij een theehuis voor wat verfrissingen. Nadat ik mijn thee had gedronken (Cola was veel beter geweest. Stapte ik weer de bus in en begon de Masai krijgers te bekijken. Een van de vrouwen kwam bij mijn raam staan en hield haar hand op voor een “donatie”. Het enige wat ik kon aanbieden waren een paar hard gekookte eieren. Ik gaf haar een ei. Ze keek me aan en zei geagiteerd “No bwana, me Masai, no eat eggs, want shillings”. Dit veroorzaakte de nodige opschudding. De buschauffeur maande iedereen tot spoed en vertrok zo snel mogelijk van de gevaarlijke plek. Zo zie je maar, ook al doe je iets goeds, je kunt toch makkelijk in de problemen geraken. Voordat we we het eindpunt in Dar-es-Salaam bereikten moest iedereen uitstappen. Daarna bracht de chauffeur me naar een Engels theehuis, reed terug om de passagiers op te halen, en kwam me daarna weer bij het theehuis ophalen. Nu ik er over nadenk, weet ik niet zeker of ik de man wel die extra shillings heb gegeven om de hele reis eerste klas te mogen reizen. O ja tijdens de reis passeerden we de Kilimanjaro. Het is verrassend in het midden van Afrika een berg te zien bedekt met sneeuw en ijs. Voor iedereen onder jullie die mijn verhalen leest en die niet bang is uitgevallen raad ik deze busreis aan. Die busreis maakt een kerel van je, het is iets anders dan een “Greyhound” reisje van Zuid Carolina naar Washington. Peter Dobbs, VQ3PBD, stond me op te wachten in Dar-es- Salaam. De douane inspecteerde iedereen. Peter zei “This is a friend of mine”, waarna ik ongecontroleerd mocht doorlopen. Peter woonde aan de rand van de stad, samen met zijn vrouw en zijn kinderen. Ik gebruikte zijn call om wat QSO’s te maken met de vrienden in de States. Na een paar dagen gebruikt te hebben genoten van Peter ’s gastvrijheid werd het tijd voor vertrek naar Zanzibar. De vlucht van Dar-es-Salaam naar Zanzibar duurde maar twintig minuten. Ook hier was de zin “I am a friend of Peter Dobbs” was voldoende om de douane te passeren. Peter was namelijk hoofd van de Tanganyikaanse douane, en zijn naam noemen was hetzelfde als “Sesam open U”. Het bezoek aan de “Director of Radio” verliep vlotjes ik ging naar buiten met de call VQ1A en de VQ3 vriend van Dar-es-Salaam met VQ1B (???). Daarna ging het naar een klein hotel, waar we antenne ophingen en al snel waren we QRV. De condities waren goed te noemen, een paar keer ging de 10 meter band open naar de VS. Na iets meer dan een week stonden meer dan 5000 calls in het log. VQ1B was enkel het weekend QRV, hij moest weer terug naar Tanganyika. Ik verkende Zanzibar en had moeite mijn weg terug te vinden in het doolhof van de smalle zigzag straatjes. Ik bezocht veel kleine winkeltjes en verzamelde heet wat leuke goedkope souvenirs. Meer dan eens nam ik een kijkje in de werkplaatsjes waar mensen bezig waren ivoor te verwerken. Het duurt soms wel maanden voordat een werkstuk af is. Die ivoren juweeltjes, soms wel 50 cm lang, waren veel te duur voor mijn smalle beurs. Het gereedschap dat gebruikt werd was eenvoudig, een hamer, een paar smalle beitels, een versleten vijl, een oud zaagblad en wat stukje schuurpapier. Er is wel een vaste hand nodig, een uitschieter en al het werk is voor niks geweest. Zanzibar is een van de mooiste plekken waar ik geweest ben. Ik zag veel Arabische dhows voor anker liggen, wachten op lading voor Muscat, Aden of Saudi Arabië. Er werd me verteld dat de dhows bleven liggen tot het begin van de Zuidoost moesson, om daarna benedenwinds langs de kust naar hun bestemming te zeilen, bemand door stoere kerels. Peter stond me weer op te wachten bij het vliegveld toen ik terug keerde van Zanzibar. Na een nachtje slapen bij hem vertrok ik weer met de Afrika-bus terug naar Nairobi. De busreis was hetzelfde al de heenreis. Dezelfde hoeveelheid wild, dezelfde soort passagiers en dezelfde stank in de bus. Wat zou het leuk zijn als ik hier een DXpedìtìe kon organiseren, naar de top van de Kilimanjaro, samen met Wayne Green, Al Hix, Howard Wolfe en Enos, W4VPD. In Nairobi logeerde ik een paar dagen bij George Dent, VQ4AQ, ( later 5Z4QT en ZS6?). Alles was opnieuw ingepakt en wat materiaal bleef achter. Ik ging op weg naar Mogadiscio, Somaliland, en de normale strubbelingen met de douane begonnen weer. Ik mocht mijn radio niet meenemen. Ik ging naar de Directeur van Telecommunicatie en vertelde hem over mijn studie van propagatie van radiogolven. Het resultaat van dit bezoek was een briefje waarin de douane werd gevraagd mijn radio vrij te geven. Als er iets zou gebeuren dan nam de directeur de verantwoordelijkheid op zich. Dat was voldoende om mijn spullen mee te krijgen. Ik koos het hoogste hotel van Mogadiscio (een kleine Waldorf-Astoria) uit, en probeerde de manager duidelijk te maken dat ik op het dak moest zijn voor mijn antennes. Ik had enkel horizontale antennes bij me en had dus palen nodig om de antenne vrij te houden van het dak. De houten palen die in een winkel had kunnen kopen waren ongeveer 12 meter lang. Natuurlijk was er een hoop commotie toen ik met die houten palen de lobby binnenkwam en haast een kristallen kroonluchter van het plafond ramde. Gelukkig sprak de manager slecht Engels, mar al met al kreeg ik die palen langs de met stof behangen muren en via het trappenhuis 7 verdiepingen hoog. Ik kreeg de call 6O1AA toegewezen, en het hotel was een goed plek om verbindingen te maken. En het was een goed hotel met goede voorzieningen, en een goeie airco. Het enige wat maar hoefde te doen was eten, slapen en QRV te zijn. Zo wil ik wel overal QRV zijn, maar het is niet altijd even eenvoudig zulke mooie plekjes te vinden voor een DXpedìtìe. De maaltijden in het hotel kosten ongeveer 3 dollar, maar met mijn vertaler (“Young Lei Low”) kreeg ik hetzelfde menu in een klein restaurant voor een kwart van die prijs. Bij het beëindigen van de activiteit als 6O1AA heb ik de houten palen maar vanaf het dak naar beneden gegooid en ze laten liggen waar ze neerkwamen. Zo konden ze nog als brandhout gebruikt worden. Ik was bang dat de manager van het hotel een hartaanval zou krijgen als ik weer met die dingen in de lobby zou verschijnen. Soms is het makkelijker een machtiging te krijgen dan toestemming te krijgen voor het plaatsen van een antenne op het dak. Gelukkig dat Hy-Gain de 14 AVS en 14AVQ vertical heeft ontwikkeld, dat maakt antenneplaatsing een stuk makkelijkere. En je kunt op 4 banden actief zijn. Hy-Gain heeft voor mij kortere secties gemaakt zodat ik de antenne makkelijk in een koffer kan opbergen. Opbouwen van de antenne kost maar een paar minuten. Ik gebruik maar twee verkorte draden voor elke band waarop ik actief ben, de SWR is minder dan 1:1,5 op elke band. Simpel maar doeltreffend. Mijn volgend doel was Djibouti. Om daar te komen vanuit Mogadiscio moet je eerst naar Aden vliegen om vandaaruit naar Djibouti te vliegen. Dat kost je drie dagen zodat je tijd over hebt voor een bezoekje aan Aden zelf. Aden is een troosteloos stukje aarde met zwarte bergen en weinig of geen plantengroei of bomen. Voor mij leek het wel alsof ik op de maan terecht was gekomen. Er ontstaat altijd ruzie met de taxichauffeurs in Aden, ook al ben je op de hoogte van de taxi-prijzen. Je moet sterk in je schoenen staan want ze wringen je uit tot de laatste cent. De taxi’s hebben geen meters, dus het gaat altijd tussen jou en de chauffeur. Mijn methode was in het hotel de prijs op te vragen, me met de taxi naar de plek laten brengen en daar dat bedrag plus een kleine fooi aan de taxichauffeur te geven end dan gewoon weglopen. Ik trok me dan niks aan van de scheldende chauffeur die de politie erbij wou roepen. Als je iets wilt kopen in Aden dan moet je dat niet doen als er een groot passagier schip in de haven ligt. Want dan gaat de prijs flink omhoog en onderhandelen over de prijs is niet mogelijk. In Aden is van alles te koop; Japanse transistor radio’s, bandrecorders, allerlei soorten fotocamera’s, Kodak filmrolletjes, juwelen, kleding, schoenen, enz.. Het is ar altijd heet, de straten zijn vol van Arabieren en kamelen, en Jemenieten die in hun folkloristische kleding met geladen geweren lopen te paraderen. Ik kwam in contact met sommige RAF jongens van Steamer Point, en mocht zelfs een paar uur QRV zijn vanuit hun clubstation. Wat me in Aden opviel was dat geen enkele lift functioneerde. Na een paar dagen in Aden kreeg ik de kriebels en wou maar zo snel mogelijk vertrekken. Oh ja, jullie missen natuurlijk mijn douane problemen hier. Nu simpel gezegd, er waren geen problemen. Je hoefde enkel nee te antwoorden op de vraag of je iets wou invoeren, en kan kon je de douane passeren. Ze hebben die tien keer dat ik in Aden kwam geen enkele keer nieuwgierig in een van mijn koffers gekeken. (ik schrijf dit in 1965). Ik wou dat de douane overal zo vriendelijk was. Als in Djibouti aankomt dan is het direct duidelijk dat je in een plaats bent waar het echt HEET is. Djibouti ligt aan de rand van een woestijn, en de hitte voel je overal. Na de normale procedure van paspoortcontrole en de vraag of je gezond bent volgt de kofferprocedure. Dan moet je gaan proberen uit te leggen waarom je al dat vreemde radiospul mee sleept. Ik laat het radiospul meestal achter bij de douane en haal mijn spullen pas op nadat ik een machtiging heb geregeld. De inklaring van de apparatuur verloopt dan meestal een stuk soepeler. Maar de douane gaf aan geen plaats te hebben voor mijn spullen. Ik mocht wel de spullen meenemen naar het hotel. En dat was precies wat ik in Djibouti wou. Er was slechts een hotel met airco in Djibouti, dat werd dus de plaats waar ik in checkte. Daarna ging ik naar het enige postkantoor van Djibouti om een machtiging te krijgen. Ik kreeg te horen dat ik de volgende dag moest terugkomen. Terug in het hotel dreef ik van het zweet. Het zweet stond zelfs in mijn schoenen, de temperatuur was 45 graden Celcius. Er bleef me niets anders te doen dan wat foto’s te maken en een paar Cola’s te drinken. De airco stond zo hoog dat mijn kamer wel een vrieskist leek, en er was geen mogelijkheid het apparaat uit te schakelen. En ze hadden ook nog de ramen dichtgetimmerd. Er bleef voor mij niets anders over dan de warmste kleding aan te trekken die ik bij me had. De volgende morgen haalde ik mijn machtiging met de eigenaardige call FL9 op in het postkantoor. Ik moest wel nog even naar het huis van de gouverneur om de machtiging te laten ondertekenen. En daarna weer terug naar het postkantoor om de machtiging te betalen. Daarna nog twee bamboe palen gekocht en terug naar het hotel. Ik charterde twee piccolo’s die me hielpen met het plaatsen van de bamboes en het ophangen van de antenne. Een 40 meter dipool werd bevestigd aan het dak van een Chinese wasserij aan de overkant van de straat. Van de familie die de wasserij runde mocht ik zelfs door hun woonkamer lopen om iop het dak te komen. En nadat de antenne bevestigd was kwam ik niet weg zonder thee met de mensen gedronken te hebben. Het zag er keurig uit in de woonkamer, er was zelfs een boeddha tempeltje in de kamer gebouwd. Gelukkig sprak de uitbater van de wasserij een beetje Engels. Ik moest de politie waarschuwen als ik klaar was met de opbouw zodat ze mijn apparatuur konden inspecteren. Dat gebeurde ook en na het beantwoorden van enkele vragen vertrokken ze weer met de mededeling dat ik maximaal 100 Watt mocht gebruiken. Ik heb maar niet gevraagd of hiermee input of output vermogen werd bedoeld, of het verschil tussen forward en reflected vermogen. Ik had de beschikking over 175 Watt dus waarom zou ik me over vermogen zorgen maken. En ik had al bemerkt de politiemannen geen flauw benul hadden wat de betekenis was van de vragen die ze me stelden. De condities waren uitstekend en ik bleef de hele nacht zenden. Daarna was mij schema ongeveer als volgt. Opstaan om 5 uur en zenden toto 10 uur. Dan QRT tot 3 uur s ‘middags om vervolgens te kletsen met de jongens tot 2 uur in de morgen of iets vroeger als de band dicht ging. Hoeveel QSO’s ik gemaakt heb vanuit Djibouti ben ik vergeten, maar ik denk dat gedurende de 8 dagen dat ik actief was, het her zo’n 5000 zijn geweest. Nadat ik zo’n 5 dagen QRV was geweest kreeg ik eindelijk bezoek van Rundy, OD5CT. Hij zou in Djibouti op werkbezoek komen. Met hem had ik afgesproken dat hij me wat zou aflossen als operator als hij wat tijd vrij kon maken. Hij had als call FL8ZA toegewezen gekregen. Nu is Rundy een prima operator, begrijp me niet verkeerd. Maar hij houd ervan tranceive QRV te zijn in het Amerikaanse deel van de band. Nou het was zondag toen Rundy opdook en als je dan als zeldzaam DX station opduikt in het Amerikaans deel van de band dan duurt het geen vijf minuten voordat je vermoord wordt. Je overleeft enkel als je buiten het “W “deel van de band blijft en een rondstraler gebruikt. Werk dan zoveel mogelijk alle stations die je hoort, Europeanen en Australiërs tot de pile up wat minder is geworden. Tail-Ending vind ik prima, maar het moet wel op de juiste manier gebeuren doe het snel en pas nadat het rapport is verzonden. Hou het QSO kort, het langste bericht wat ik in SSB wil horen is "Hello Gus, Q5-S9 W5?? break". Als ik wil rag- chewen dan begin ik daar zelf wel mee. En laat mijn call aub achterwege (ik ken mijn call) , je eigen call en RST en BK is meer dan voldoende. Na het avontuur in Djibouti vlogen we terug naar Aden waar we twee dagen moesten wachten voordat we verder konden vliegen naar Bahrein. Als je wilt weten wat de eerste bezoekers van de maan zien als ze daar op bezoek gaan vlieg dan maar van Aden naar Bahrein. Je ziet dan hetzelfde troosteloze landschap, zwarte bergen, geen begroeiing en valleien gevuld met stof. Rundy had een mes bij zich en zei dat hij dat zou gebruiken om onze kelen door te snijden als ons vliegtuig een noodlanding zou moeten maken en we de noodlanding zouden overleven. Gelukkig gebeurde dat niet met onze DC3 en heeft Rundy het mes niet hoeven te gebruiken. Sta me toe wat meer te vetellen over de landen langs de Perzische Golf van Koeweit tot Muscat. Je moet in het bezit zijn van een visum en moet een uitnodiging hebben van een burger van het te bezoeken land. Gelukkig beschikte Rundy over de noodzakelijke connecties, en had alvast allerlei zaken geregeld. Anders hadden we nooit uit Aden mogen vertrekken. Het krijgen van een vergunning is probleemlood. Het tonen van je Amerikaanse vergunning is voldoende om een call te krijgen in elk van de vier MP4 landen. We brachten een bezoekje aan de Big Bad Wulf, MP4BBW (Ian Cable) en konden met eigen ogen zien waar die dikke signalen vandaan kwamen. Onze apparatuur werd opgesteld in het “Speed Bird Hotel” en de call die ik daar gebruikte was MP4BDE. Bahrein is erg vooruitstrevend, allemaal grote auto’s en goed gevulde winkels. En in de haven een flink aantal olietankers, klaar om beladen te worden. Het leek wel alsof iedereen in deze oliestad Engels sprak. En als je al zo lang in hete gebeden zoals Aden, Djibouti en Bahrein vertoeft dan vergeet je snel dat het daar zo heet is. Na een verblijf van een paar heerlijke dagen in Bahrein werd het weer tijd te verkassen. Deze keer naar MP4Q, Qatar ten zuidoosten van Bahrein, een interessant uitstapje. Maar jongens, daar vertel ik volgende maand wel meer over. Gus Lees verder Deel 11

Gus Browning, W4BPD

Remarks *c/o The World Radio Propagation Study Association ' Ack Radio Supply Co., Birmingham 5, Alabama. De niet succesvolle VQ9AIW DXpeditie vond plaats in september 1959.
Those monkeys !! Kikuyu warrior FL9, without suffix !! FL8ZA, French Somaliland (now Djibouti, J2) MP4BDE Bahrein (now A9)
Hams - W4BPD - Gus Browning 01