© Made by PA0ABM 2020 (all rights reserved)
Verteld door Gus Browning, in 73 Magazine van 1965-11 vrij vertaald door PA0ABM Gus Browning story, Deel 07 Naar Monaco Vorige maand had ik de douane formaliteiten van de Tsjechen met behulp van de rode badge goed doorstaan. Ik was op weg naar München, Duitsland, voor het bezoek aan een paar goed vrienden. De treinreis vanaf de Duitse grens verliep zonder problemen, en rond middernacht kwam ik in München aan. Welk hotel ik ook bezocht steeds kreeg ik te horen dat ze vol waren. Pech na pech. Er was een internationale conferentie in de stad en alle alle hotels waren volgeboekt. Wat zou jij doen op dit nachtelijke uur in een koude nacht in een vreemde stad? Ik ben terug gegaan naar het trein station. Daar vroeg ik een treinkaartje naar Wenen, en na een uur of 4 was ik op weg naar Oostenrijk. Daarna was het Zagreb-Yoegoslavië, Sofia- Bulgarije, Boekarest-Roemenië, Boedapest-Hongarije, Warschau-Polen, Kopenhagen-Denemarken en terug via Hamburg en Frankfurt naar Luxemburg. Daarna door naar Parijs en verder naar Andorra in de Pyreneeën, Lissabon, Madrid, Barcelona, Gibraltar, Ballarec Eilanden en Marseille, en tenslotte naar Viernheim, Duitsland voor een bezoek aan Hans, DL3JJ. Tot nu toe had ik me, vanaf het moment dat ik München verliet enkel als toerist gedragen. Er waren geen amateurs in al die steden welke ik heb opgenoemd, die ik wou bezoeken. En ik had nog steeds mijn apparatuur niet ontvangen. De toer door Europa was steeds per trein en bus gebeurd, dat kostte het minste. En ik had het reuze naar mijn zin om al die steden te bezoeken. Ik had geen vast plan voor dat deel van de reis. Ik bleef zoveel dagen tot ik het gevoel had dat ik verder moest trekken. Toen ik uit de trein stapte dacht ik in Viernheim te zijn; later ontdekte ik dat dit een andere “heim”was. Maar ik had natuurlijk de naam niet goed uitgesproken toen ik het treinkaartje naar Viernheim bestelde. Niemand was op het station toen ik uitstapte. Het was 5 uur s’morgens, en er was nauwelijks volk op straat. En de politieman die ik tegenkwam verstond geen Engels. Ook andere mensen die ik aansprak konden mij niet verstaan. Ik probeerde het nog eens bij een benzine station en probeerde opnieuw duidelijk te maken waar ik moest zijn. Ik had geluk, want de vrachtwagenchauffeur, dit net gestopt was voor brandstof kon me wel verstaan. De chauffeur bood zelfs aan om me naar Viernheim te brengen. Het QTH van DL3JJ lag op zijn route, maar dan wel 20 kilometer verderop. Toe ik in Viernheim aankwam ontdekte ik dat Hans, DL3JJ een klein fabriekje dat elektrisch spul maakte, runde. Hans was echter afwezig, hij was op zakenreis. In plaats van Hans werd ik welkom geheten door Mahmud, SU1MS. Hij bracht me naar een klein hotel in het stadje en betaalde de rekening voor me. Van Mahmud kreeg ik een briefje, geschreven in het Arabisch, met een telefoonnummer er op. Als ik ooit in Cairo, Egypte zou komen, dan moest ik dat nummer bellen, en dan zou er voor me gezorgd worden. Hans produceerde richting-zoek-systemen voor de Deutsche Bundespost. Klein maar fijn precisie werk. Mahmud, SU1MS, was even vriendelijk als tijdens onze CW QSOs. Ik ontdekte dat de voorstelling die ik van mijn CW QSO partners had gemaakt ook redelijk klopten. En datzelfde kan ik niet zeggen als ik mensen ontmoet dat ik dan de persoon goed inschat. Na een paar dagen verblijf in Viernheim, waarbij ik de moeder van Hans en een YU amateur die voor Hans werkte ontmoette, vertrok ik naar Nienburg voor een bezoek aan Hadi, DJ2PJ. Nienburg was eenzelfde klein Duits stadje als Vierheim. Iedereen kende iedereen, en ze waren allemaal even vriendelijk. Ik kreeg veel Duitse biertjes aangeboden, maar die moest ik steeds afslaan omdat ik geen alcohol drink. Dus dronk ik heel wat Duitse koffie, en soms, als ik geluk had, Coca Cola. Hadi sprak heel goed Engels, en ik kwam er achter dat hij Engelse les gaf op school. Ik bleef een week genieten van de gastvrijheid van Hadi en zijn familie. Daarna vertrok ik, weer met de trein, deze keer naar Hamburg voor een kort bezoekje aan Gus, DL6ZZ en zijn XYL Helene. Een telefoontje naar Amsterdam was genoeg om te ontdekken dat mijn radiospul was gearriveerd. Dus op naar Amsterdam, en daar nam ik een taxi naar het douane-depot waar mijn spul lag te wachten. Maar het spul inklaren was een groot probleem, de douane wilde het spul niet vrijgeven. Ik vertelde dat ik de apparatuur wou meenemen naar Monaco om daar te kunnen uitzenden. Geen probleem werd er gezegd, dan sturen we de apparatuur door naar Monaco. Toen ik er achter kwam hoeveel ik daarvoor moest betalen viel ik haast van mijn stokje. Vliegveld belasting, vervoerskosten, invoerrechten in Frankrijk, enz.. Het bleek tenslotte het goedkoopst te zijn de apparatuur per vliegtuig naar Marseille te sturen. Ik leerde flink wat over vervoerskosten op deze manier. Zelf meenemen als bagage was een stuk goedkoper. En heel wat makkelijker dan de apparaten apart te versturen. En de spullen reizen met je mee. Er zijn weinig voorzieningen om bagage in depot te nemen, daarom hebben ze liever dat je de spullen direct meeneemt. Natuurlijk moet je het gewicht van de bagage zo klein mogelijk houden, dus neem je zo min mogelijk kleding mee. Dus stuurde ik alle kleding welke ik teveel had meegenomen, terug naar huis. Wat ik achterhield was niet meer dan, 3 paar ondergoed, 3 hemden, 3 broeken, 1 paar schoenen, 3 paar sokken, een trui, en een jas. Al dit spul kon in een kleine koffer. Op dit moment heb ik het aantal van 3 zelfs teruggebracht naar 2 paar van alles. Als de plaats waar je heen gaat koud is, dan heb je natuurlijk zwaarder spul nodig. Het is echter vaker goedkoper het noodzakelijk spul ter plekke te kopen, dan met je mee te zeulen. Na het vervoer van de spullen in Amsterdam geregeld te hebben vertok ik met de stoptrein richting België en Frankrijk richting Marseille. Daar aangekomen moest ik een aantal dagen wachten op Leny (toen VQ4GT, ex VQ8CB en VQ8AB), zijn XYL Lillette en dochter Gertie. De tijd werd doorgebracht aan de waterkant waar de mensen veel wijn dronken. Ik zag een van de ordinairste dansen daar, de “Apache Dance”. Het gaat er ruw aan toe, de dame word op de grond gegooid, en weer omhoog getrokken aan de haren. Daarna krijgt ze een klap in het gezicht, en ergens anders, en daarna gebeuren nog meer van die ordinaire dingen. De dame in kwestie schijnt het leuk te vinden want ze blijft dansen. En daar was de ontmoeting met Leny en zijn familie, We waren al zo vaak met elkaar in QSO geweest. Zeker honderd brieven hadden we elkaar al gestuurd, vaak met foto’s, dus we kenden elkaar vrij goed. Ik weet niet of ik voldeed aan het profiel dat hij van mij had gemaakt,. Dat kleine kereltje, daar in dat goedkope hotelletje die elke cent moest omdraaien om rond te komen. Iedereen die mij goed kent weet dat ik me niet anders profileer dan ik ben. Om het simpel te houden, denk ik dat Leny en zijn familie een BEETJE teleurgesteld waren toe ze me in levende lijve zagen. Maar het liep goed af, en het verblijf in Zuid Frankrijk en het rondreizen in Leny’s volkswagen was erg plezierig. We maakten zoveel kilometers samen, dat Leny daarna de auto als “gebruikt” mee kon nemen terug naar Kenya. Leny bracht me ook naar Monaco. In Monaco ging ik naar hotel “Le Siecle” en vroeg de hotelklerk om een kamer vanwaar ik kon zenden. Hij zei “ja, u werd verwacht en u heeft een kamer op de bovenste verdieping”. Ik dacht, wat vreemd, ik heb toch niemand verteld dat ik naar Monaco zou komen om daarvandaan QRV te zijn. Ik hield mijn mond maar, en we gingen omhoog via de trap. Die eindigde op het dak, en er lagen 4 palen met een lengte van 8 meter klaar. Ook waren er constructies aanwezig om de palen vast te zetten. Ik kreeg kamer 39, en daar stonden twee tafels klaar om er apparatuur op te zetten. De manager zei dat hij alles had voorbereid zodat ik meteen kon beginnen. De manager vertelde dat zendamateurs altijd kamer 39 kregen. Die middag ging ik op weg naar het ministerie van Financiën voor een zendvergunning. Na het invullen van de juiste documenten werd me verteld dat ik de volgende morgen om 10 uur moest terugkomen voor het ophalen van de vergunning. Dat deed ik natuurlijk, als call had ik 3A2BW toegewezen gekregen. Monaco was overigens de makkelijkste plek voor het verkrijgen van een zendvergunning. Terug het dak op, wat werk verrichten en in korte tijd was ik bezig met het testen van de eerste DXpeditie. In die tijd was 3A2 relatief “rare DX” en geloof me dat was plezier. Ik kan jullie niet vertellen hoe het voelt om aan de “andere kant” van de pileup te zitten. Ik was niet de jager maar het wild waarop werd gejaagd. I k had nu de kans al die ideeën over DXpedtities uit te testen. Sommige ideeën waren goed, en andere konden zo de prullenbak in. Zo had ik nooit nagedacht over hoe slecht de Europese QRM wel kon zijn, en hoeveel stations bleven roepen op mijn eigen frequentie. En dan al die Russen die er op stonden hun naam, QTH en power door te geven. De meest voorkomende naam was trouwens Vlad. Maar wat me het meest ergenrde wat dat ze bleven vragen hoe ik heette, wat mijn QTH was, hoeveel power ik gebruikte enz.. Gr… In Monaco raadpleegde ik mijn klein handkompas om te bepalen in welke richting ik Amerika moest zoeken. De dichtstbijzijnde berg, en ook de hoogste lag precies tussen mij en Amerika in. Als ik weer in Monaco kom, dan kies ik gegarandeerd een ander hotel, het liefst gelegen aan de Middellandse Zee. Dan heb ik de beste afstraling in alle richtingen. De prijs en de verzorging en het eten in Hotel Le Siecle is uitstekend, maar de plek is niet goed voor een DXpedtitie. Tenzij iemand die berg verplaatst. En omdat dat helaas niet kan, moet jij je maar verplaatsen. Het was tijd om te vertrekken uit Monaco, alles werd ingepakt en op de trein gezet, die ons naar Milaan bracht. I1IN was me komen ophalen in Monaco, en vergezelde me op mijn Italië avontuur. De trein stopte aan de Frans- Italiaanse grens en de pret begon. Als je veel opwinding wilt veroorzaken ga dan naar Italië met twee koffers vol radio-spul. En schrijf op de koffers wat er in zit, een zender, seinsleutel, microfoon, antenne enz.. Aan de grens had ik de borg voor de radiospullen van de Fransen terug gekregen, De Italianen vertelden me dat ik een import vergunning voor al die spullen moest hebben, anders moest ik de spullen maar in Frankrijk achter laten. Dus terug naar de Franse grens, maar daar eisten ze een import vergunning voor mijn spullen. Grrrr… Ik wist het ook niet meer, en bleef maar bij de grensovergang bij mijn koffers zitten, hopende op een engel uit de hemel. En wat leerde ik snel in een korte tijd. Het werd me duidelijk dat douanes de grootste struikelblok zijn als het gaat om een DXpedtitie. Ik vraag me af of dat stukje niemandsland tussen Frankrijk en Italië, waar ik me nu bevond, kon tellen als een nieuwe Entiteit. Na ongeveer een uur of 6, en na heel wat telefoontjes met Rome, mochten mijn spullen Italië binnen. Ik moest wel een borg van 169 Dollar betalen, en nu terwijl ik dit schrijf , hebben de Italianen die borg nog steeds niet terug gegeven. Maar wij (Valdo I1IN en ik) waren op weg naar Campione d’Italia en IC1IN was de call die ons was toegewezen. De Italiaanse trein was een stoomtrein en met al die tunnels in Noord Italië was het een wonder dat we dit kolen avontuur overleefden. Die tunnels zijn erg lang, en onze stoomtrein kwam maar langzaam vooruit. En soms stopte de trein ook nog in het midden van de tunnel. Mijn indruk van Italië is dat er heel veel kleine dorpjes zijn, en elk dorpje, hoe klein ook, heeft een kerk die in het midden van het dorp staat. Overal vind je katholieke priesters, en druiven prieeltjes. En wijn ranken zie je overal. En almaar kletsende vrouwen in de trein, wat een gekakel. En bij elke maaltijd drinken ze een hele fles wijn leeg. Ik dacht dat de Italianen elke dag spaghetti eten, maar daarin had ik me vergist. Het was altijd moeilijk om een goed spaghetti restaurant te vinden in Italië. Dat was trouwens hetzelfde probleem in Duitsland ,bij het zoeken van een zuurkool restaurant. Tijdens een wandeling door Milaan zag ik op het dak van een hoog gebouw van 12 verdieping een gevaarlijk ding staan. Het was een 5 of 6 element beam voor 20 meter, en dat gevaarte stond op een mast van 22 meter hoog. Wat een afstraling moet die amateur hebben gehad. De beam bleek van Bruno, I1RIF te zijn. Een aantal jaar later bracht ik een bezoek aan I1RIF. Hierover, en over het fantastische station van Bruno zal ik in een later hoofdstuk iets vertellen. Na een nachtje slapen in Milaan vertrokken Valdo en ik met de bus richting IC1-land. Bij de Zwitserse grens kwamen we de douanes weer tegen. Maar bij het tonen van onze licencie mochten we de grens zonder problemen passeren. Er moest alleen een borg betaald worden die we later ook weer terug kregen. Campione d’Italia is een gemeente in de provincie Como en tevens een exclave volledig omsloten door Zwitsers grondgebied (kanton Ticino). Het gebied hoort bij Italië maar de betaaleenheid is de Zwitserse Frank. Het is een soort belastingparadijs voor de bevolking. We vonden in Campione dÍtalia al snel een hotel, het enige in het dorp. Het dak was echter onbruikbaar voor het plaatsen van een goede antenne. We moesten het daarom doen met de slechtste antenne die ik ooit gebruikt heb. Het was een dipool die een hoek maakte van 90 graden. De SWR was 6:1. Het was wel de eerste keer dat de prefix IC1 gebruikt werd, maar ik kon nog niet QRV gaan. Valdo, die de vergunning geregeld had, moest nog een paar dingen doen. Eerst stapten we naar de gouverneur en na uitleg van onze bedoeling kregen we groen licht van hem. Daarna naar het politiebureau waar we te horen kregen dat we niet mochten starten met zenden voordat we bezoek hadden gehad van een politieman op onze hotelkamer. Het derde bezoek was aan het postkantoor, en na nog meer geklets kregen we daar ook groen licht. Deze bezoekjes kosten ons een halve dag. Terug in het hotel was het wat eten en een kort slaapje nemen. Dat deden we voordat drie politiemensen ons een bezoekje brachten. Van de radioapparatuur hadden ze geen verstand, maar wij werden ook in hun onderzoek opgenomen. Nadat Valdo ze verteld had wat we gingen doen vertrokken ze. En eindelijk konden we de apparatuur gebruiken. Het resultaat was niet al te best. Dat lag waarschijnlijk aan de antenne. En aan de vele vragen die we krgen over het feit of we nu wel of niet een nieuwe DXCC country waren. De Europese QRM was aanzienlijk, en het aantal QSOs met de Verenigde Staten was magertjes. We waren ongeveer 7 dagen QRV als IC1IN, waarna we vertrokken naar San Marino. Valdo had de call I1IN/M1 en ik W4BPD/M1. Natuurlijk was ons vervoer middel weer de trein. We kwamen weer door al die rokerige tunnels. Nadat we in een kleine havenplaats waren aangekomen namen we de bus naar San Marino, zo’n 50 kilometer verderop. San Marino, als ik me goed herinner, is niet anders dan een grote berg. Het is een echte toeristenplek. Toen we aankwamen in San Marino zagen we wel 100 Greyhound bussen, allemaal uit Duitsland. De toeristen waren overal, elke kleine winkel was overvol met mensen. We gingen weer naar het politie bureau en kregen hun toestemming. We moesten alleen nog laten weten wat ons adres in San Marino zou zijn. De hotels die we bezochten waren niet zo geschikt. Toen stelde ik voor de hoge uitkijktoren te gebruiken. Daarvan daan kon je over heel San Marino kijken. Maar om er achter te komen of dat mocht moesten we de toren beklimmen. Om boven te komen moesten wel 880 treden “genomen”worden. Na wat gepraat met het personeel boven in de toren mochten we gebruik maken van een klein kamertje. We zaten op het hoogste punt van San Marino, ongeveer 30 meter boven alle andere gebouwen en bergtoppen van het dwergstaatje. Het was, denk ik, een beter QTH dan dat van W3CRA. We sjouwden alles naar boven, en monteerden de dipolen voor 10-15-20 en 80 meter tussen twee toren-pieken. Ook kregen we 230 Volt in ons kametje van Joe, een van de bewakers van de toren. Na de installatie keerden we terug naar het politiebureau, en gingen we weer 880 traptreden omhoog naar onze shack voor de eerste CQ. Tjonge wat ging dat fantastisch. Van Joe kregen we twee legerjassen om op te slapen, zelfs een kleine elektrische verwarming werd aangesleept. En daar bovenop nog een heerlijk bord spaghetti dat Joe’s vrouw voor ons had klaargemaakt. Geloof me, dat was pas een bord ECHTE spaghetti, zoiets wat je maar zelden krijgt in Italië. Na een paar dagen verblijf in die toren, en regelmatig 880 trappen op en neer te hebben gelopen, vroegen we aan Joe of zijn vrouw elke dag voor ons spaghetti wou maken. Tegen betaling natuurlijk. En ja hoor, dat deed ze, zodat we heel wat trapwerk konden besparen. Zo nu en dan gingen we s’avonds naar beneden. Geloof me maar als ik zeg dat het echt spookachtig is om op zo’n tijd door het oude kasteel te lopen, en al die sinistere figuren aan de muur te zien hangen met hun martelwerktuigen, hun maliënkolder jassen en meer van dat spul van vroeger. De enige verlichting was een zaklamp die we bij ons droegen. Elke avond om ongeveer 11 uur begon het te regenen, zo lang als we daar QRV waren. De wind was altijd aanwezig daarboven op die rots., dag en nacht, De wind zorgde ook voor vreemde geluiden in het kasteel, Op een avond, toen het weer begon te regenen nam het geluid in de koptelefoon ook toe. Het werd zelfs 9 plus, plus, plus. Onmogelijk om nog een QSO te maken. Zelfs toe ik de set had uitgeschakeld hoorde ik het geluid nog. Ik ging op onderzoek, en toen ik het licht had uitgeschakeld zag ik de oorzaak van het enorme geluid. Ik zag een kleine halo aan elk einde van een ongebruikte dipool. Ik probeerde een van de antennes te aarden maar dat had ik beter niet kunnen doen. Wat kreeg ik een optater. Pas toen ik alle ongebruikte antennes had geaard (inclusief de mantel van de coax) verdwenen de halo’s en het geluid, en kon ik verder gaan met QSOs op 14 Mc. Gedurende een nacht zwol de wind aan tot orkaankracht, maar ik bleef uitzenden. De SWR nam wel wat toe in het midden van de storm., maar ik bleef toch nog 4 uurtjes doordraaien. Om half 3 s’nachts kroop ik in bed. Toen ik de volgende morgen de antennes inspecteerde zag ik de oorzaak van de slechte SWR. Alle antennes waren naar beneden gekomen, en hingen langs de bergwand naar beneden. Maar ze werkten wel nog, alleen was de SWR ietsjes hoger dan normaal. Er gebeurde elke dag wel leuke dingen daar in het kasteel. Toeristen beklommen ook de 880 treden en liepen dan langs ons kamertje om boven in de toren van het kasteel te komen. Aanvankelijk hielden we onze deur gesloten. De mensen die langs liepen zeiden dan dingen zoals “In dit geheime kamertje zullen wel veel mensen gefolterd zijn”. Onze reactie was dan steevast het laten van een schreeuw en met onze schoen op de deur slaan. De reactie van die toeristen was altijd allergrappigst. Toen we San Marino verlieten was dat met een bevredigd gevoel. Een reuze tijd hadden we gehad in Kasteen San Marino. De trip naar de volgende bestemming, Rome, was zoals normaal, met een overvolle trein. We reisden, om geld te sparen, derde klas, en we arriveerden in Rome op dezelfde tijd als de passagiers in de eerste klas. HaHa. We gingen meteen op pad om Dominico HV1CN te ontmoeten. Ik vroeg hem of ik een paar dagen als HV1CN daar mocht zenden. Enkel in CW. Er werden vragen gesteld, en ik denk dat werd gevraagd welk geloof ik had. “Baptist” antwoordde ik. Of dat goed was of niet weet ik niet, maar wat later mocht ik voor de apparatuur gaan zitten. Uit een kast werd een stoffige seinsleutel gehaald en schoon geblazen. ( de microfoon was schoon uiteraard). Dominico vertelde dat ik onder geen voorwaarde mijn naam mocht noemen. Oke zie ik en begon CQ te geven op 15 meter. De band explodeerde en de dode band opende zich vanzelf. In 9 minuten tijd had ik als 11 QSOs in het log geschreven. Nadat ik de calls in het log had geschreven werd de apparatuur alweer door Dominico uitgeschakeld. “Het is etenstijd” zei hij. Ik vroeg hem of ik mocht terugkomen om HV1CN opnieuw te activeren. “Je hoort van mij” kreeg ik als antwoord, en dat was het einde van mijn operatie als HV1CN. Ik kan in elk geval zeggen dat een Baptist 9 minuten lang als HV1CN vanuit het Vaticaan in de lucht is geweest. En verder ging het avontuur, nu naar Yoegoslavië, met een korte stop in Zagreb en Belgrado. En daarna een week verblijf met als gastheer YU1KC en zijn zoon YU1EH. Ik werd daar als een koning behandeld. Ik hoop ooit nog eens terug te keren naar Belgrado om de Joegoslaven wat beter te leren kennen. En verder naar Athene waar ik op het vliegveld werd opgewacht door SV1AB en SV1AE, ouwe George en Sock. Het verblijf van een week was geweldig, George liet me heel Athene zien. George drinkt geen koffie bij het ontbijt, maar een goede kop hete melk. Ik dacht dat het niet mogelijk was, maar ik deed hetzelfde als George. En ik bleef god zij dank leven. Probeer het zelf maar eens uit, dan weten jullie wat ik heb doorgemaakt daar bij “good old George”. Dat is het voor deze keer jongens. Volgende maand neem ik jullie mee Naar Rundy, OD5CT, naar Cairo, Khartoem en Kenya. En daarna gaan we naar de Seychellen en inktvissen, naar Lee Bergren, W0AIW, doen was /MM enz.. Blijf mij me, er zit nog meer in de pen… Gus. Lees verder Deel 08

Gus Browning, W4BPD

Roundreis Europe Gus begon in 1960 met enkele Europese DXpedities. De eerste DXpedittie was dienaar Monaco Daar gebruikte hij in augustus 1960 de call 3A2BW There he used the call 3A2BW. It was August 1960. In September 1960, was hij QRV als IC1IN (Italië) en M1/W4BPD (San Marino)
Le Siecle (now Hotel Ambassador) Campione d'Italia (lake Lugano Switserland) Just one whole mountain, up 880 steps Gus said he go W4BPD/M1, but the QSL shows M1/W4BPD Valdo, I1IN used M1/I1IN at the tower.
Hams - W4BPD - Gus Browning 01
Campione d'Italia Onze call in Campione dÍtalia Toch nog QRV  vanuit Vatikaanstad